Steeds meer mogelijkheden voor mobiel betalen

Amerikaanse gebruikers van Facebook Messenger kunnen sinds kort via de messaging app geld overmaken aan hun vrienden. Volgens Facebook wordt het versturen van geld even gemakkelijk als het sturen van een bericht. Facebook is zeker niet de eerste die zich op de markt van mobiel betalen stort, maar kan wel rekenen op een grote gebruikersbasis (zo’n 500 miljoen maandelijkse gebruikers; minder dan de 700 miljoen gebruikers van die andere Facebook messaging app WhatsApp, maar een pak groter dan de geschatte 200 miljoen gebruikers van Snapchat). De dienst is gratis voor de gebruikers, maar Facebook ziet vooral een mogelijkheid om op die manier heel waardevolle data te bekomen van zijn gebruikers, namelijk over de transacties die de gebruikers uitvoeren.  Nu is de toepassing vooral nog gericht op “peer-to-peer” betalingen (betalingen tussen gebruikers), maar bedoeling is om dit verder uit te breiden naar e-commerce. Zo werkt Facebook samen met Stripe om een Buy-button te lanceren. Op die manier zouden gebruikers snel een item uit een Facebook-advertentie kunnen kopen, zonder het platform te verlaten. De data die Facebook op die manier verzamelt, kan van grote waarde zijn voor adverteerders.   Het is voorlopig nog niet gekend wanneer deze dienst buiten de VS beschikbaar zal zijn.

Dit initiatief van Facebook doet erg veel denken aan SnapCash van Snapchat. Ook Snapcash laat gebruikers toe om heel eenvoudig geld toe te voegen aan een berichtje naar je vrienden. Andere gelijkaardige “peer-to peer payment apps” in de VS zijn Venmo en Dwolla. In Vlaanderen zijn er voorlopig weinig gelijkaardige (succesvolle) apps. Wel kunnen klanten bij BNP paribas Fortis bijvoorbeeld gebruik maken van Easy Transfer om snel geld over te schrijven naar je vrienden. Een andere mogelijkheid is het gebruik van de Bancontact-app. Deze werkt op basis van QR-codes. Je geeft een bedrag in, de app genereert een QR-code, de ontvanger scant de code in, en de betaling is uitgevoerd.

Mobiel betalen via de Bancontact-app (bron afbeelding: http://www.zdnet.be/nieuws/155620/bancontact-laat-je-betalen-met-je-smartphone/)
Mobiel betalen via de Bancontact-app (bron afbeelding: http://www.zdnet.be/nieuws/155620/bancontact-laat-je-betalen-met-je-smartphone/)

Naast het versturen van geld naar andere gebruikers, duiken steeds vaker “mobile wallets” op die je in staat stellen om effectief aankopen uit te voeren via je smartphone. De meest gekende is veruit Apple Pay. Deze is pas gelanceerd in oktober 2014, maar is nu al het meest besproken mobiel betaalsysteem. Concurrenten als Google Wallet bestaan al veel langer, maar hebben nooit de buzz kunnen creëren als Apple Pay. In Vlaanderen komen de eerste kleine initiatieven van de grond. Zo kun je met SEQR mobiele betalingen uitvoeren in onder andere vestigingen van de Colruyt-groep en McDonalds. Visa heeft ook aangekondigd om nog in 2015 mobiel betalen mogelijk te maken in België. In een eerste fase zal contactloos betalen met de Visa-kaart gelanceerd worden (waarbij het volstaat om de Visa-kaart in de buurt van een terminal te houden), in een latere fase zal betaling ook mogelijk zijn via de smartphone-app van Visa. België loopt trouwens achterop op het vlak van contactloos betalen. In Nederland is contactloos betalen stilaan ingeburgerd (de bankkaarten van grootbanken in Nederland zijn in de meeste gevallen uitgerust met NFC), en bij de Londense metro kennen ze piekmomenten van 500.000 contactloze betalingen per dag met Visa.

Het grote voordeel van mobile wallets is vooral gebruiksgemak; niet alleen gaat betalen via smartphone sneller dan bij betalen via cash of bankkaart, maar je kunt ook alle kaarten (zowel bankaarten als voordeel- en klantenkaarten) centraliseren in 1 app/toestel. Het stelt de gebruiker ook in staat om gemakkelijk over alle info te beschikken van je laatste aankopen. De grootste drempel om over te gaan naar mobiele betalingen blijft de veiligheid. Berichten rond gelekte data uit iCloud of uit sociale media als Snapchat creëren een gevoel van onveiligheid rond mobiel betalen. Het mag dan ook niet verbazen dat veiligheid en privacy een erg belangrijk deel uitmaken van de persberichten bij lanceringen van mobiele betaalsystemen: bij Snapcash hamerde Snapchat op de betrouwbaarheid van hun partner Square, bij de lancering van Apple Pay bevatte bijna elk paragraaf van hun persbericht een verwijzing naar de beveiligingen achter het systeem, en ook ruim de helft van het persbericht van Facebook ging over de veiligheid van de transacties. In tegenstelling tot die negatieve percepties, zijn mobiele betalingen echter beter beveiligd dan transacties via bankkaart.

Advertenties

De opmars van mobiele media in Vlaanderen: een kijk op leeftijdsverschillen

In 2014 lijken de meeste technologieën en mediadiensten een punt van saturatie te hebben bereikt, en zien we weinig grote veranderingen in vergelijking met vorig jaar. Met uitzondering van smartphones en tablets, waar we wel nog een sterke groei zien.

Dat is een van de bevindingen uit iMinds digiMeter 2014, de jaarlijkse studie over bezit en gebruik van media en ICT in Vlaanderen. Maar zit die groei voornamelijk nog bij de jongere segmenten, of zien we dat steeds meer Vlamingen uit oudere generaties een smartphone of tablet gebruiken? En zijn zowel smartphones als tablets vooral populair bij de jongere generaties, of bereiken beide toestellen een andere doelgroep?

Steeds meer Vlamingen ruilen hun ‘gewone’ mobiele telefoon in voor een smartphone. 57% van de Vlamingen heeft een smartphone (een stijging van 10 procentpunt ten opzichte van vorig jaar). Hiermee zijn er voor het eerst meer Vlamingen met een smartphone dan met een gewone mobiele telefoon (dat zakt naar 53% van de Vlamingen). Hoewel de adoptie van smartphones sterk is gestegen, is er nog een achterstand als we vergelijken met landen zoals Duitsland (67%), Frankrijk (67%), VS (71%), Nederland (72%) en het Verenigd Koninkrijk (75%).
De adoptie van tablets is zelfs met 14 procentpunt gestegen: 56% van de Vlamingen beschikt over een tablet binnen hun huishouden. Hiermee blijft Vlaanderen wel in het spoor van bijvoorbeeld Nederland (ook 56%).

Als we kijken per leeftijdscategorie, komen enkele opvallende bevindingen naar boven. Zo zien we dat smartphones hun piek hebben bij de jongere segmenten (acht op tien Vlamingen van 15 tot 39 jaar bezitten een smartphone), terwijl tablets een meer verspreide adoptiecurve vertonen (met een piek bij Vlamingen tussen 40 en 49 jaar). Smartphones zijn dus duidelijk gelinkt met jongeren, terwijl tablets ook bij oudere generaties aanslaan. Verschillende oorzaken liggen aan de basis van dit verschil. Een eerste verklaring is het feit dat jongeren vaak gedwongen keuzes moeten maken. Elk toestel kopen dat ze willen, ligt vaak niet binnen hun financiële mogelijkheden. Daarom kiezen jongeren vaak maar voor twee toestellen. Het centrale scherm is de laptop (negen op tien Vlamingen tussen 15 en 39 jaar bezit een laptop), vaak met de smartphone als mobiel verlengstuk. Een tablet hoort minder vaak tot hun pakket, omdat dit toestel voor hen minder toegevoegde waarde biedt ten opzichte van hun laptop of smartphone. Voor de iets oudere generatie is de tablet echter een ideaal toestel om op verkenning te gaan in de digitale wereld. Een tablet vinden ze vaak intuïtiever dan een laptop; het grotere scherm is dan weer een voordeel ten opzichte van een smartphone. Niet onbelangrijk: tablet bezitters hebben vaak ook kinderen jonger dan 10 jaar, waarvoor steeds meer ouders een tablet verkiezen boven een laptop (bijvoorbeeld voor het spelen van educatieve games of filmpjes, het gebruik van platformen zoals Wanagogo van Studio 100, kinderliedjes via YouTube,…).

digiMeter 2014 - Adoptie Smartphones en Tablets in Vlaanderen

Opmerkelijk is dat een groot deel van de groei van smartphones bij de 60-plussers zit. Hier hoort wel de kanttekening dat deze generatie de smartphones daarom niet noodzakelijk op een ‘smart’ manier gebruiken. 16% van de smartphonebezitter ouder dan 60 zegt hun smartphone nooit te verbinden met het internet; bij de smartphonebezitters jonger dan 60 is dat slechts 3%. Een op zes van de 60-plussers met een smartphone gebruikt die smartphone dus als een gewone mobiele telefoon. Toch kunnen we stellen dat toegang tot internet steeds minder een kwestie van middelen is, maar meer een kwestie van vaardigheden en kennis rond digitale media. Uit de digiMeter studie kwam naar boven dat oudere generaties steeds vaker (mobiele) toestellen bezitten waarmee ze verbinding kunnen maken tot het internet, maar dat ze nog de competenties missen om die op een voor hen relevante manier toe te passen.

digiMeter 2014 - Evolutie in Adoptie Smartphones en Tablets in Vlaanderen

Jongeren zijn dus grote fans van smartphones. Acht op tien Vlamingen tussen 15 en 30 jaar heeft inmiddels een smartphone, wat een pak hoger is dan de 37% binnen dezelfde leeftijdsgroep die (ook) nog een gewone mobiele telefoon (of ‘dumbphone’) bezit. Welke invloed heeft dat op het vlak van telecommunicatie? Hoe verhoudt zich het gebruik van traditionele communicatie via het mobiele netwerk (bellen en sms’sen) tot het gebruik van applicaties zoals Skype, Facetime, WhatsApp, Facebook Messenger en Snapchat die gebruik maken van het internet (ook gekend als Over-The-Top (OTT) applicaties)? Wat opvalt, is dat de frequentie van versturen van sms’en positief gecorreleerd is met het versturen van berichten via OTT applicaties. Wie dagelijks berichten stuurt via apps zoals Facebook Messenger of WhatsApp, zal vaak ook nog dagelijks sms’en sturen. De OTT applicaties lijken dus op dit moment geen substitutie voor de traditionele sms, maar eerder een aanvulling erop. Dit wordt ook bevestigd door een studie door het BIPT. In landen zoals Nederland, waar vooral WhatsApp enorm populair is, zien we wel dat de traditionele sms zwaar te lijden heeft onder de opkomst van de alternatieve berichtendiensten.

Het dagelijks versturen van berichten is populairder bij jongeren dan bij oudere generaties. Vooral bij berichten via OTT-applicaties zien we een sterk contrast tussen de jongere en oudere generaties (zie onderstaande tabel). Opvallend is ook dat WhatsApp in Vlaanderen helemaal nog niet zo wijd gebruikt als bv in Nederland. De meest populaire berichtendiensten bij Vlaamse jongeren zijn Facebook Messenger en Snapchat.

digiMeter 2014 - Dagelijks gebruik messaging en telefonie op smartphone

Het bezit van tablets is minder gelinkt aan jongeren dan wat de algemene perceptie is. Ook als we kijken naar het gebruik van tablets is het opvallend dat de gebruiksfrequentie hoger is bij oudere generaties dan bij jongere generaties. De helft van de 30 tot 59-jarigen zegt dagelijks een tablet te gebruiken. Bij Vlamingen tussen en 15 en 30 jaar is dat 41%, en bij 60-plussers is dat 29%. Als we enkel kijken naar wie een tablet ter beschikking heeft, dan valt het op dat driekwart van de tabletbezitters ouder dan 60 hun tablet dagelijks gebruikt, wat iets hoger is dan bij 30 tot 59-jarigen (72%), en een pak hoger dan bij tabletbezitters tussen 15 en 30 jaar (59%).  Het is dus opmerkelijk dat de tablet een centralere rol lijkt te spelen bij oudere dan bij jongere tabletbezitters. Het bezit van een tablet is lager bij 60-plussers dan bij jongere leeftijdscategorieën, maar wie op oudere leeftijd een tablet bezit, lijkt daar ook vaker gebruik van te maken. Voor die generatie lijkt de tablet de sleutel te zijn om toegang te krijgen tot de digitale wereld, en kan het intuïtieve karakter van tablets helpen om de digitale kloof op het vlak van internetvaardigheden te dichten.

digiMeter 2014 - Dagelijks gebruik Tablets in Vlaanderen

De top-5  functies die dagelijks op een tablet uitgevoerd worden, zijn erg gelijkaardig tussen de verschillende leeftijdsgroepen. De volgorde is echter wel verschillend. Waar social media op de eerste plaats komt bij jongeren, zien we dat het lezen van e-mails voorop komt bij oudere generaties. Opmerkelijk is dat gamen op een tablet voor 30% van de tabletbezitters ouder dan 60 jaar een dagelijkse activiteit is, tegenover 23% bij de jongere generaties. Ook dit toont aan poorten kan openen voor een oudere generatie die tot nu toe enkel toegankelijk waren voor jongere generaties.

digiMeter 2014 - Top 5 tablet applicaties dagelijks gebruik

Bij smartphone-applicaties kunnen we gelijkaardige conclusies trekken als bij tablet. Wel zien we dat het belang van social media hier hoger is dan bij tablet. Op smartphone is dagelijks gamen  dan weer populairder bij de jongere generatie smartphonebezitters (24%) dan bij de oudere generaties (30 tot 59 jaar: 15% ; 60+: 7%), wat dus ook een verschil is in vergelijking met tablet.

digiMeter 2014 - Top 5 smartphone applicaties dagelijks gebruik

 

Sociale netwerken zijn voor jongeren dus erg belangrijke applicaties op hun mobiele toestellen. Dat zien we ook in de intensiteit waarmee ze sociale media gebruiken. Voor Facebook bijvoorbeeld zien we dat 64% van de jongeren met een account op dit sociale netwerk, minstens 1 uur per dag Facebook gebruiken. Dat is een pak hoger dan bij 30 tot 59-jarigen (33%) en 60-plussers (22%).

digiMeter 2014 - Minstens 1 uur Facebook per dag

Als we ten slotte kijken naar het betalen voor apps (zowel het aankopen van apps zelf als het uitvoeren van aankopen binnen een app), dan zien we dat meer tabletbezitters het afgelopen jaar betaald hebben voor tablet-applicaties, dan dat smartphonebezitters betaald hebben voor smartphone-apps. Dit geldt binnen elke leeftijdscategorie. Bovendien zien we dat de piek ligt tussen 30 en 50 jaar (zowel voor tablet als voor smartphone). Waar jongeren zoveel mogelijk op zoek gaan naar gratis manieren om media te consumeren, zien we dus dat de generatie tussen 30 en 50 jaar wel bereid is om te betalen.

digiMeter 2014 - Betalen voor Apps op tablet of smartphone

 

 

Telenet rolt Wi-Free netwerk uit in Mechelen

Mechelen wordt de eerste stad in de Benelux dat volledig omsloten wordt door 1 wifi-provider. Telenet, dat zijn thuisbasis heeft in Mechelen, rolt er zijn Wi-Free netwerk uit. Vanaf april 2015 kan iedere Telenetklant surfen op het Telenet-netwerk in de hele Mechelse binnenstad. Daarvoor gaat Telenet hotspots bijplaatsen in de stad. Door gebruik te maken van EAP (Extensible Authentication Protocol), hoeft de gebruiker zich niet opnieuuw aan te melden telkens zijn device wisselt van hotspot. Eenmaal de gebruiker is ingelogd op 1 hotspot, zal het toestel onmiddellijk verbinding maken met de hotspot/homespot met beste bereik. Wie geen Telenet-klant is, kan zich registreren en zo gebruik maken van 1 uur gratis wifi.

Dit initiatief kadert in ‘De grote netwerf‘, een reeks infrastructuurwerken die de capaciteiten van het Telenet-netwerk gevoelig zou moeten verbeteren. Bovendien wil Telenet hiermee ook van Mechelen een ‘smart city‘ maken, om dienstverlening binnen de stad te optimaliseren, en de beleving in de stad te verhogen (voor bezoekers en voor de inwoners).

Telenet wil dit graag uitbouwen naar andere steden. Welke steden in onderhandeling zijn met Telenet, is nog niet gekend. Wel staat vast dat die steden niet moeten rekenen op dezelfde voorwaarden als stad Mechelen. Telenet ziet zijn thuisstad als laboratorium, en rekent op veel visibilteit binnen de stad en in de media met zijn project. Vandaar dat de stad zelf geen financiële bijdrage moest leveren. Andere steden zullen wel budget moeten vrijmaken als ze het Wi-Free netwerk van Telenet willen laten uitrollen in hun stad.

Dit initiatief van Telenet is vooral een bedreiging voor het dure 4G-netwerk van mobiele operatoren. Op mobiele toestellen heeft een wifi-verbinding prioriteit op mobiele dataverbinding. In een Wi-Free stad als Mechelen zal het dataverkeer via mobiele netwerken dan ook een sterke terugval kennen.

Wat beweegt er in VoD-land?

Netflix komt op 19 september naar België. Hoe gaan lokale spelers hiermee om? In Frankrijk kreeg Netflix heel wat weerwerk; wat doen Telenet en Belgacom om hun markt te verdedigen?

In Frankrijk is Netflix op maandag 15 september van start gegaan. Net als in andere landen ligt de focus op Amerikaanse series en films, maar Netflix heeft ook al laten weten te werken aan een eigen Franse serie, “Marseille“. Netflix zal de Amerikaanse series dubben en ondertitelen naar het Frans, maar zal toch de nodige weerstand ondervinden. Die weerstand komt niet zozeer van de Franse consumenten, die fan zijn van Amerikaanse series als “Fargo” en “The Big Bang Theory”. Wel zien we Franse politici de protectionistische kaart trekken:

The reaction has been strongest in France where consumers love McDonald’s hamburgers and American TV shows, but politicians lament the creeping influence of U.S. culture and business. This spring, a French magazine put Netflix Chief Executive Reed Hastings on its cover under the headline “The Ogre.”

Ook lokale telecomspelers proberen de komst van Netflix te counteren door te stellen dat Netflix de Franse cultuur en eigenheid zal doen eroderen. Ook heeft telecomoperator Numéricable een gratis SVoD-dienst gelanceerd op 15 september, dezelfde dag dus dat Netlix van start ging. Netflix leek geïsoleerd terecht te komen in een vijandige markt, maar heeft nu toch een partner kunnen strikken. Kabeloperator Bouygues Telecom gaat Netflix beschikbaar stellen, zodat klanten Netflix kunnen bekijken op hun televisietoestel via de settopbox (en dus hun televisietoestel niet hoeven te connecteren met het internet om Netflix te streamen). Andere operatoren zoals Orange houden voorlopig de boot af, en wachten liever af om te zien hoe succesvol Netflix wordt in Frankrijk. Opvallende serie die overigens ontbreekt in het aanbod van Netflix in Frankrijk is “House of Cards“, een serie die Netflix zelf gemaakt heeft, maar waarvoor Netflix de exclusieve rechten in Frankrijk vorig jaar verkocht heeft aan Canal+.

En wat gebeurt er intussen in Vlaanderen? Hier is het vooral Telenet die zich schrap zet voor de komst van Netflix. VoD zit al langer in het aanbod van Telenet, maar het is vooral sinds de komst van Rex & Rio in september 2013 dat Telenet hier sterk op inzet. De pakketten Rex (€14,95/mnd) en Rio (€24,95/mnd) zijn duurder dan wat Netflix (naar alle waarschijnlijkheid) zal aanbieden in België (€7,99 of €8,99), maar Telenet komt daar wel een stuk aan tegemoet door Rex nu een jaar lang aan te bieden aan €10/mnd (en op termijn zal dit wellicht het nieuwe vaste tarief worden).

Daarnaast heeft Telenet twee nieuwe initiatieven getoond. Zo gaat Telenet voor het eerst een eigen serie maken, “Chausée d’Amour“, in samenwerking met productiehuis De Mensen. Telenet zal alle afleveringen in één keer vrijgeven (in de loop van 2016), omdat het tegemoet wil komen aan de wens van de (vooral jongere) kijkers om meerdere afleveringen van een serie na elkaar te kunnen bekijken op het moment dat zij willen (het zogenaamde binge-viewen).
De andere zet van Telenet staat daar eigenlijk haaks tegenover: Telenet heeft met HBO een deal afgesloten om elke nieuwe HBO-aflevering 1 dag na verschijnen in VS al beschikbaar te stellen voor Telenet in het Rio-abonnement (nu is dat na 1 week). Terwijl Telenet dus voor “Chausée d’Amour” stelt dat de kijker steeds meer loskomt van het zendschema, en zelf wil bepalen wat, waar, wanneer en hoeveel afleveringen van een serie hij bekijkt, legt Telenet voor HBO-series het strakke ritme van het zendschema op. Uiteraard is het op zich HBO die bepaald dat series nog steeds aflevering per aflevering moeten vrijgegeven worden, en zal de deal met Liberty Global zijn afgesloten (het moederbedrijf van Telenet), en niet met Telenet zelf. Maar als ze bij Telenet echt (en terecht) geloven dat de kijkers steeds meer zelf het tempo bepalen van hoeveel afleveringen ze kijken op een zelfgekozen moment, dan is de meerwaarde tussen afleveringen een dag na verschijning ten opzichte van een week na verschijning aanbieden, minder belangrijk. Belangrijker is dat het aanbod goed zit (het feit dat de vernieuwde deal ervoor zorgt dat er meer HBO-series op Rio te vinden zullen zijn (The Sopranos, Band of Brothers,…), is volgens mij belangrijker nieuws). En als Telenet ten slotte de kijker echt de vrijheid wil geven om te starten met een serie wanneer hij wil, kan Telenet er maar beter voor zorgen dat ook de eerste seizoen van populaire reeksen blijven bestaan in de bibliotheek.
De nieuwe initiatieven zullen pas later hun intrede maken in het aanbod van Telenet (en de Vlaamse serie pas over anderhalf jaar), maar uiteraard is het voor Telenet nu vooral belangrijk om in de lanceringsweek van Netflix ook zelf voldoende in de picture te staan.

Chaussée d'amour Telenet

En Belgacom? Daar is het momenteel windstil. Belgacom heeft wel in navolging van Telenet in april zijn eigen SVoD-pakket op de markt gebracht, “Movies & Series pass” (€14,95 per maand). Maar sindsdien heeft Belgacom hier niets over gecommuniceerd. In tegenstelling tot Telenet heeft Belgacom nog geen prijsverlaging doorgevoerd. Ook laat het bedrijf weinig los over het aantal abonnees dat intekent op de pass, en of Belgacom zijn pakket nog wil versterken. Of dit betekent dat Belgacom dezelfde move voorbereidt als Bouygues in Frankrijk, is nog te voorbarig, maar feit is dat de SVoD-dienst van Belgacom het erg moeilijk zal krijgen om een plaats te veroveren in de markt.

 

*UPDATE 23/09/2014* Intussen hebben Belgacom en Netflix bevestigd dat er onderhandelingen bezig zijn om Netflix toe te voegen aan de settopboxen van Belgacom.

Ook heeft Netflix een akkoord met de VRT afgesloten om in eerste instantie 6 reeksen beschikbaar te stellen op Netflix, later kan dit aanbod nog uitgebreid worden. Het gaat om reeksen als “Dubbelleven”, “Tournée Générale”, en de Ketnet-serie “Elfenheuvel”. De zenders van Medialaan en SBS zeggen ook open te staan om samen te werken met Netflix.

Telenet van zijn kant heeft laten weten dat Netflix in zijn lanceringsweekend goed was voor 10% van de dataverbruik op het Telenet-netwerk. Daarmee is Netflix echter niet de grootste slokkop. Wie dat dan wel is, wou het bedrijf niet kwijt.

Wifi op trams van De Lijn

Vanaf vandaag kun je gratis gebruik maken van wifi op het Gentse tramnet van De Lijn. Dit zal wel enkel beschikbaar zijn op de hermelijntrams (nieuwere versie van de ‘accordeontrams’; in totaal rijden er 15 hermelijntrams in Gent). Het project wordt mee gesponsord door Hello Bank, een spin-off van BNP Paribas Fortis die alleen online banking aanbiedt (geen fysieke kantoren). Op die manier wil het bedrijf aan naamsbekendheid winnen binnen een relevante doelgroep (mobile users). De technologie op zich maakt gebruik van het 3G/4G netwerk van Mobistar. Vanaf november zou dit dan verder uitgerold worden naar de trams in Antwerpen.

Het systeem is wel wat omslachtig: als je op de tram stapt, moet je eerst je telefoonnummer registreren op de site www.lijnnet.be. Nadat je je login hebt aangemaakt, krijg je via sms een code, die je dan kan ingeven om te kunnen surfen. Je kunt dus maar beter niet twee haltes verder al moeten afstappen voor je hieraan begint. Het is zeker een mooi initiatief, maar ik zie deze oplossing meer relevant voor het (doorgaans langere) treinverkeer dan voor de kortere tram/busritten. Spoorwegbaas Cornu heeft wel al laten vallen dat wifi op de treinen een piste is die hij wil uitwerken, hopelijk kan de aanzet van De Lijn dienen als motivatie om er ook daadwerkelijk werk van te maken.

Gratis wifi wordt al op meerdere plaatsen aangeboden. Naast commerciële zaken als Starbucks die hier hun handelsmerk van maken, zetten ook (lokale) overheden steeds meer in op gratis wifi op openbare plaatsen. Zo is Antwerpen van plan om tegen eind 2014 in een groot deel van de stad gratis wifi te voorzien. Ook in het buitenland is gratis wifi geen uitzondering meer. Zo kun je in delen van New York (waaronder Central Park) gebruik maken van gratis wifi. En op sommige plaatsen wordt het aanbieden van gratis wifi gekoppeld aan een ludieke sensibiliseringscampagne. Zo hanteert internetportaal Terra in 10 parken in Mexico City het volgende systeem: hoe meer afval (en dan voornamelijk hondendrollen) er in de vuilnisbakken worden gedeponeerd, hoe langer iedereen in het park kan genieten van gratis wifi. In het artikel wordt ook een voorbeeld gegeven van een conventie waar de genodigden gebruik konden maken van gratis wifi als ze een donatie gaven voor de daklozen. In juni 2013 werd er in Antwerpen op het Kielplein een gratis hotspot geplaatst aan een vuilnisbak, in de hoop dat de vuilnisbak meer zou opvallen en gebruikt worden.