Mary Meeker: het stijgende belang van spraaktechnologie

Mary Meeker werkt bij durfkapitaalverstrekker KPCB, waar ze bedrijven adviseert bij investeringen in technologiebedrijven. Daarvoor werkte ze als research analyst en uiteindelijk managing director bij Morgan Stanley. Sinds begin jaren 2000 presenteert ze jaarlijks een slidedeck met trends in de wereld van internet en technologie die volgens haar het volgen waard zijn. In het begin was dit nog een bescheiden set van een 50-tal slides, maar de laatste jaren is dit gegroeid tot een rapport van 200 slides. Elk jaar als het rapport uitkomt, wordt dit gretig gedeeld en becommentarieerd.

Perfect leesvoer voor in de zomervakantie dus. De slidedeck kun je terugvinden op de site van KPCB, net als het archief met alle vorige rapporten. Een selectie van 15 slides kun je hier vinden.

Het volledige rapport van 2016 staat ook onderaan deze blogpost. Deze topics komen aan bod:

  1. Globale internettrends (slide 5-8): Wereldwijd zijn er ruim 3 miljard internetgebruikers (=42% van totale bevolking). Groei valt wel terug van +15% in 2009 naar +9% in 2015. India kent wel een sterke stijging internetgebruikers (+40%), en heeft met 277 miljoen gebruikers de VS voorbijgestoken als de op één na grootste markt van internetgebruikers (na China).
    2016-internet-trends-report-6-638
  2. Groei smartphone valt stil (slide 9-12): Het aantal gebruikers steeg in 2015 met 21%; in 2014 was dat nog 31%. Meer dan de helft van de gebruikers komen intussen uit Asia Pacific (Azië + Oceanië); in 2008 was dat nog maar 1 op 3. Ook de verkoop van smartphones is sterk teruggevallen: in 2015 werden er 10% meer smartphones verkocht dan het jaar voordien; in 2014 bedroeg die groei nog 28%. Android-toestellen kennen nog wel een groei, maar iPhone kent in 2016 voor het eerst een daling in het aantal verkochte toestellen. Dit komt overeen met wat Apple zelf rapporteert in zijn kwartaalcijfers: in de periode januari-maart 2016 werden er 16% minder iPhones verkocht dan in dezelfde periode het jaar voordien.

    2016-internet-trends-report-12-1024

    NOOT: ASP=Average Selling Price; in dit geval de gemiddelde verkoopprijs van een smartphone.

  3. Groei in ontwikkelingslanden neemt af (slide 13-15): Grootste drempels blijft een gebrekkige infrastructuur, gekoppeld aan het ontbreken van een incentive of reden om online te gaan, gebrek aan internetvaardigheden en een te hoge kost ten opzichte van een laag inkomen. Die laatste drempel zien we ook opduiken als drempel om een smartphone aan te schaffen: in Ethiopië bijvoorbeeld bedraagt de gemiddelde kostprijs van een smartphone daar 48% van het gemiddelde jaarloon per inwoner.In Vietnam is dat 15%. Ter vergelijking: in ontwikkelde landen zoals Duitsland of Japan bedraagt de gemiddelde prijs van een smartphone nauwelijks 1% van het gemiddelde jaarinkomen per inwoner.
    2016-internet-trends-report-15-638
  4. Wereldwijde economische groei vertraagt (slide 17-40): De voorbije 20 jaar bedroeg de wereldwijde groei in Bruto Binnenlands Product (BBP) gemiddeld 3,8% per jaar. In 6 van de laatste 8 jaar zat de groei echter onder dat gemiddelde. Ook de prijs van bulkgoederen zoals granen en (edel)metalen zit in een neerwaartse trend, wat ook gelinkt kan zijn met een verlaagde economische groei. Ook de regio’s met het grootste aandeel binnen het wereldwijde BBP zijn de laatste 30 jaar gewijzigd. In 1985 waren China en de andere opkomende Aziatische landen (zonder Japan) goed voor 18% van het wereldwijde BBP; in 2015 is hun aandeel gestegen naar 63%. Omgekeerd is het aandeel van Europa, Noord-Amerika en Japan gedaald van 63% in 1985 naar 29% in 2015. Verder zien we een wereldwijde stijging aan overheidsschulden, zakken rentes naar een dieptepunt, en zien we de wereldbevolking vergrijzen (dalend geboortecijfer en stijgende levensduur). Mary Meeker ziet in al deze uitdagingen een grote rol weggelegd voor innovatie om dit op te vangen.
    2016-internet-trends-report-22-638
  5. Online advertentiemarkt (slide 42-48): Blijft stijgen, vooral dankzij mobiel. Maar: nog veel potentieel voor mobile advertising (nog teveel storende advertenties, cf. gebruik van adblockers, en vooral nood aan originele, authentieke advertenties gebracht op een zo min mogelijk storende manier, bv zonder geluid en zonder volledig scherm in te palmen).
    2016-internet-trends-report-47-638
  6. Marketing en commerce (slide 50-70): Verschilt per generatie. Grote evoluties op vlak van handel, met laatste jaren sterke groei op vlak van online en mobiel shoppen. ‘Fysieke’ winkels krijgen een steeds belangrijker digitale poot. Maar: omgekeerd zien we ook steeds vaker dat pure webshops ook een offline ‘fysieke’ winkel openen (cf. Amazon).
    2016-internet-trends-report-60-638
  7. Belang visuele communicatie (afbeeldingen/video) neemt toe (slide 72-96): Platformen met hoogste engagement zijn platformen die sterk gericht zijn op video en foto (Facebook, Snapchat, Instagram). Steeds meer aandacht voor real-time streaming van video’s gefilmd door gebruikers (Periscope, Facebook Live). Delen van foto’s stijgt vooral op berichtendiensten (Snapchat, WhatsApp, Facebook Messenger), terwijl groei op sociale media (Facebook, Instagram) lijkt te vertragen. Sterk potentieel van gebruik foto’s/video’s voor commerciële doelen (bv: 55% van de Pinterestgebruikers zegt het platform te gebruiken om een product op te zoeken en/of te kopen).
    2016-internet-trends-report-90-638
  8. Opmars berichtendiensten gaat verder (slide 97-110): Sterke stijging in gebruikersaantallen (WhatsApp telt intussen ruim 1 miljard gebruikers). Bieden steeds nieuwere vormen van zelfexpressie (emoticons-stickers-GIF (afbeeldingen met animatie)-filters/lenzen/maskers). Steeds vaker andere diensten geïntegreerd (bv mobiel bankieren, taxi reserveren, eten bestellen, mobiel shoppen,…). Ook steeds vaker gebruikt voor communicatie tussen bedrijven en (vooral jonge) klanten.
    2016-internet-trends-report-107-638
  9. Gesproken commando’s steeds populairder (slide 112-133): Spraakherkenning wordt steeds accurater (grootste platformen scoren boven 90% accuraatheid). Dat vertaalt zich in een steeds wijder verspreid gebruik: 65% van smartphonebezitters in de VS gebruikt een voice-assistant minstens één keer per jaar. Siri, de virtuele assistent op iOS-toestellen, behandelt ruim 1 miljard gesproken commando’s per week. In de VS zijn 1 op 5 van de zoekopdrachten op Android-toestellen intussen gesproken opdrachten. Grootste voordeel is dat de bediening handenvrij en zichtsvrij: je hoeft je handen en je ogen niet te gebruiken om het toestel te bedienen. Dat verklaart waarom de wagen voor 36% van de gebruikers in de VS de voornaamste setting is waar spraakbesturing gebruikt wordt. Amazon Echo, een standalone toestel dat op basis van spraakcommando’s zoekopdrachten kan uitvoeren of andere apps (bv. muziekapps) of toestellen kan besturen, kent ook een steile groei.
    2016-internet-trends-report-125-638
  10. Technologie steeds belangrijker in transport- en autosector (slide 134-159): Rol van smartphone/wearables om functies van een wagen te bedienen nemen toe (Tesla laat bijvoorbeeld toe om de wagen te sluiten of zelfs te parkeren aan de hand van een smartphone of smartwatch). De technologie achter zelfrijdende wagens kent grote vooruitgang.
    2016-internet-trends-report-139-638
  11. Focus op China (slide 160-181): China blijft met 668 miljoen gebruikers de grootste internetmarkt. WeChat blijft veruit het belangrijkste mobiele platform in China: 35% van alle tijd gespendeerd op de smartphone in China is op naam van WeChat. Sinds 2015 genereert internet ook meer advertentie-inkomsten dan televisie. E-commerce en mobiel betalen is in China belangrijker (en omvangrijker) dan in de VS.
    2016-internet-trends-report-167-638
  12. Data: platformen en privacy (slide 193-): De hoeveelheid beschikbare digitale informatie neemt sterk toe, terwijl opslagkosten van data sterk daalt. Ook de bronnen die digitale data genereren neemt toe: sociale media, berichtendiensten, geconnecteerde toestellen (bv. wagens, huishoudapparaten,…), drones, wearables,… Hierdoor neemt ook het vraagstuk over databeveiliging en privacy toe.
    2016-internet-trends-report-196-638

 

Facebook zet AI in om foto’s te omschrijven voor blinden

Sociale media worden steeds visueler. Wat een verrijking is voor de meeste gebruikers, vormt een hindernis voor wie blind of slechtziend is. Twitter heeft hierop ingepikt door gebruikers toe te laten om zelf beschrijvingen toe te voegen aan de foto’s die ze posten. Als blinden of slechtzienden dan een ‘screen reader’ gebruiken (computerprogramma’s of apps die voorlezen wat er op het scherm te zien is), kan die extra info ervoor zorgen dat ook zij kunnen ‘zien’ wat er op de foto staat.

Facebook gaat nog een stap verder, en zet artificiële intelligentie in om op een automatische manier foto’s te omschrijven.

In het verleden heeft Facebook al inspanningen geleverd door er bijvoorbeeld voor te zorgen dat de site zo toegankelijk mogelijk is voor screen readers. Dat verloopt prima voor teksten in de newsfeed van Facebook, maar bij foto’s hoorden gebruikers enkel dat er een foto te zien is, en wie de foto gepost heeft (met eventueel ook het onderschrift bij de foto, als diegene die de foto gepost heeft daaraan gedacht heeft).

Facebook wil hieraan tegemoet komen, en lanceert “Automatic Alternative Text“. Op basis van artificiële intelligentie kan de gebruiker nu ook horen wat er op de foto te zien is. De twee onderstaande demofilmpjes tonen wat dit precies inhoudt. Voorlopig is dit enkel beschikbaar voor iOS, en in Engelstalige gebieden (VS, UK, Canada,…). Al kondigt Facebook wel aan om dit ook te ontwikkelen voor andere platformen, en andere talen toe te voegen.

 

Hoe apps je aan boord proberen houden

We spenderen almaar meer tijd aan (nieuwe) media, wat bij sommigen leidt tot ‘digibesitas’. De smartphone en sociale media zijn daarbij de katalysatoren van dit fenomeen. Dat was een bevinding uit digiMeter 2015. En dat resultaat komt zeker niet uit de lucht gevallen. Steeds meer techbedrijven willen de gebruiker voor langere tijd aan zich binden. Denk aan Facebook, dat steeds meer evolueert van een sociaal netwerk naar een uitgebreid platform waar je ook aan ecommerce kan doen, bankverrichtingen kan uitvoeren, nieuws kunt opvolgen en taxi’s kunt bestellen zonder de app te verlaten. Op die manier wil Facebook er niet alleen voor zorgen dat mensen langere sessies doorbrengen op Facebook, maar ook dat het een gewoonte wordt om de Facebook app te openen telkens je wat tijd hebt. Op die manier komen gebruikers niet alleen meer in aanraking met advertenties, maar vooral komt Facebook zo veel meer te weten over die gebruikers. Data die het zelf kan gebruiken om de app verder te personaliseren, maar ook data die voor adverteerders van grote waarde kan zijn.

NRC Q brengt een artikel over de Habbit Summit, een congres van Stanford University over hoe je gewoontes kunt kweken bij je gebruikers. Sprekers zijn onder andere de Growth manager van Slack, de directeur User Experience van Yammer en van Linked In, en Nir Eyal, auteur van het boek ‘Hooked: How to Build Habit-Forming Products‘. NRC Q focust vooral op de visie van die laatste spreker. Volgens Nir Eyal zijn vier elementen belangrijk om aan je app een ‘haak’ te hangen zodat de gebruiker blijft hangen en blijft terugkomen: de trigger, de actie, de beloning en de commitment. De trigger is de aanleiding om naar de app te gaan. In het artikel staat het voorbeeld van iemand die een reis wil boeken, wat foto’s van de bestemming opzoekt, klikt op een mooie foto en zo op Pinterest terecht komt. Daar ziet ze dat het netwerk vol met foto’s staat die haar aanspreken, en ze begint de app te ontdekken. Het meest krachtige is als uiteindelijk verveling genoeg is als trigger om naar de app te gaan. Als de gebruiker steeds naar Pinterest gaat als ze zich verveeld, dan is dat van goudwaarde voor Pinterest. De actie is dan wat je doet op het nerwerk (bv scrollen door foto’s op Pinterest). En als je maar vaak genoeg foto’s ontdekt die je aantrekkelijk vindt, dan ervaart de gebruiker dat als een beloning. En uiteindelijk leidt dat bevredigende gevoel tot een commitment, een engagement om te blijven gebruik maken van de app.

 

Instagram: binnenkort overstap van chronologische volgorde naar algoritmes

Tot nu toe zijn de foto’s die je op Instagram ziet gerangschikt op chronologische volgorde. Sinds de overname door Facebook in 2012 stond het in de sterren geschreven dat Instagram meer en meer eigenschappen van Facebook zou gaan overnemen. Sinds oktober 2013 werd het mogelijk om in de VS te adverteren op Facebook. Twee jaar later verscheen de eerste advertentie op Instagram in België. Het hoeft niet te verwonderen dat Instagramgebruikers hier (zeker in het begin) fel tegen gekant waren, maar na verloop van tijd duiken er hier en daar zelfs fans op van advertenties op Instagram.

Nu duikt nog een (eerder omstreden) kenmerk van Facebook op: Instagram gaat algoritmes de volgorde laten bepalen van de foto’s die je ziet, in plaats van alles chronologisch weer te geven zoals dat nu het geval is. Dat heeft het medium zelf laten weten in een blogpost. Als je in die blogpost naar beneden scrollt, merk je dat ook nu er heel wat kritiek komt op dit nieuws.

Waarom wil Instagram die algoritmes invoeren? Officieel luidt het in de blogpost dat er zodanig veel content gedeeld wordt op Instagram, dat gebruikers gemiddeld 70% van hun feed missen. Door die algoritmes in te schakelen, wil Instagram ervoor zorgen dat je ten minste de 30% ‘belangrijkste’ updates te zien krijgt, in plaats van gewoon de 30% meest recente. Achterliggend wil Instagram er vooral voor zorgen dat gebruikers langer trouw blijven aan het netwerk, en het frequenter en intenser gaan gebruiken. En Instagram wil dat bekomen door de content die je ziet beter aan te passen aan wat je het liefst wil zien.

Dat algoritme komt er niet van vandaag op morgen. Instagram geeft aan dat het eerst uitgebreide testen wil doen, om dan het algoritme stap voor stap te implementeren. Wellicht zal er trouwens, net zoals bij Facebook, nog steeds de mogelijkheid zijn om dat algoritme uit te schakelen en nog steeds de foto’s te sorteren op recentheid.

In september 2015 gaf Instagram aan dat het wereldwijd 400 miljoen maandelijkse gebruikers telt. In Vlaanderen maakt 17% van de bevolking (van minstens 15 jaar oud) minstens één keer per maand gebruik van Instagram. Instagram is echter vooral populair binnen het jongste segment: 66% van de Vlamingen tussen 15 en 19 jaar oud gebruikt Instagram.

Instagram leeftijd Vlaanderen dM15

Bron: digiMeter 2015

Tot nu toe zijn de foto’s die je op Instagram ziet gerangschikt op chronologische volgorde. Sinds de overname door Facebook in 2012 stond het in de sterren geschreven dat Instagram meer en meer eigenschappen van Facebook zou gaan overnemen. Sinds oktober 2013 werd het mogelijk om in de VS te adverteren op Facebook. Twee jaar later verscheen de eerste advertentie op Instagram in België. Het hoeft niet te verwonderen dat Instagramgebruikers hier (zeker in het begin) fel tegen gekant waren, maar na verloop van tijd duiken er hier en daar zelfs fans op van advertenties op Instagram.

Nu duikt nog een (eerder omstreden) kenmerk van Facebook op: Instagram gaat algoritmes de volgorde laten bepalen van de foto’s die je ziet, in plaats van alles chronologisch weer te geven zoals dat nu het geval is. Dat heeft het medium zelf laten weten in een blogpost. Als je in die blogpost naar beneden scrollt, merk je dat ook nu er heel wat kritiek komt op dit nieuws.

Waarom wil Instagram die algoritmes invoeren? Officieel luidt het in de blogpost dat er zodanig veel content gedeeld wordt op Instagram, dat gebruikers gemiddeld 70% van hun feed missen. Door die algoritmes in te schakelen, wil Instagram ervoor zorgen dat je ten minste de 30% ‘belangrijkste’ updates te zien krijgt, in plaats van gewoon de 30% meest recente. Achterliggend wil Instagram er vooral voor zorgen dat gebruikers langer trouw blijven aan het netwerk, en het frequenter en intenser gaan gebruiken. En Instagram wil dat bekomen door de content die je ziet beter aan te passen aan wat je het liefst wil zien.

Dat algoritme komt er niet van vandaag op morgen. Instagram geeft aan dat het eerst uitgebreide testen wil doen, om dan het algoritme stap voor stap te implementeren. Wellicht zal er trouwens, net zoals bij Facebook, nog steeds de mogelijkheid zijn om dat algoritme uit te schakelen en nog steeds de foto’s te sorteren op recentheid.

In september 2015 gaf Instagram aan dat het wereldwijd 400 miljoen maandelijkse gebruikers telt. In Vlaanderen maakt 17% van de bevolking (van minstens 15 jaar oud) minstens één keer per maand gebruik van Instagram. Instagram is echter vooral populair binnen het jongste segment: 66% van de Vlamingen tussen 15 en 19 jaar oud gebruikt Instagram.

Instagram leeftijd Vlaanderen dM15

Bron: digiMeter 2015

Interview Mark Zuckerberg over toekomst en uitdagingen voor Facebook

Facebook-oprichter Mark Zuckerberg is de eerste laureaat van de ‘Axel Springer Award‘. Axel Springer is de Duitse uitgeverij van onder ander Die Welt, Bild en Business Insider. En die uitgeverij brengt nu een award uit voor ‘ondernemers met een exceptioneel talent voor innovatie, die markten creëren en hervormen, die vorm geven aan cultuur, en bovendien hun verantwoordelijkheid nemen op maatschappelijk vlak’. Mark Zuckerberg is dus de allereerste winnaar van deze award, die vanaf nu jaarlijks zal worden uitgereikt.

Naast een plechtige ceremonie past daar ook een interview bij. De CEO van Axel Springer, Mathias Döpfner, was voor de gelegenheid de interviewer van dienst. Het oorspronkelijke interview verscheen (in het Duits) in Die Welt am Sonntag; Business Insider plaatste een Engelstalige vertaling online.

Het interview handelt vooral over de toekomst en uitdagingen voor Facebook. Echt kritisch kun je het artikel niet noemen (behalve dan dat er een paar keer doorgevraagd werd of Facebook gekozen heeft voor Dublin als hoofdkwartier voor Europa omwille van belastingsvoordelen), toch blijft het interessant om te lezen waar Facebook in de (nabije) toekomst wil op gaan inzetten.

Het grootste deel van het interview gaat over Virtual Reality (VR). Facebook heeft zelf Oculus Rift opgekocht, maar werkt ook mee met Samsung om software te ontwikkelen voor de Samsung Gear VR. Op het eerste gezicht wat vreemd, omdat de Samsung Gear als een concurrent voor de Oculus Rift gezien kan worden, maar volgens Mark Zuckerberg opereren beide op een totaal ander segment van de markt. Samsung Gear VR is een pak goedkoper, en zal wellicht een ruimere adoptie kennen dan Oculus Rift. Die laatste heeft echter meer mogelijkheden.

They are different price points and quality.

[…]the Rift is even more expensive than 600 [while Samsung Gear VR only costs about $100] because it requires a very powerful PC to run. So that PC, unless you already have a powerful PC, costs another 1000 dollars.

[…]Because VR is a very intense visual experience and having the most powerful PC is the only way to deliver certain experiences. So for example, we have experiences running in Rift where you are not only looking around, but you have hands where you can manipulate objects in real time.You are playing Ping Pong or interacting with someone and the technology needs to be fast enough so that when you do something, it triggers and sends that action all the way across the Internet to someone else. That just requires a lot more processing power to do well.

Al denkt Mark Zuckerberg wel dat de impact van VR vooral op langere termijn ligt.

We are betting that Virtual Reality is going to be an important technology. I am pretty confident about this. And now is the time to invest. We just announced this week that there have already been one million hours of video consumed in Gear VR and we just started shipping that with Samsung.  So this is really encouraging.

I honestly don’t know is how long it will take to build this ecosystem. It could be 5 years, it could be 10 years, it could be 15 or 20.  My guess is that it will be at least 10.  It took 10 years to go from building the initial Smartphone to reaching the mass market. BlackBerry came out in 2003 and it didn’t get to about a billion units until 2013.  So I can’t imagine it would be much faster for VR.

Hij weerlegt ook dat VR ervoor zou zorgen dat mensen zich nog meer afzonderen van elkaar, en dus de sociale cohesie zou ondermijnen.

I think people tend to be worried about every new technology that comes along. Critics worry that if we spend time paying attention to that new kind of media or technology instead of talking to each other that that is somehow isolating. But humans are fundamentally social. So I think in reality, if a technology doesn’t actually help us socially understand each other better, it isn’t going to catch on and succeed.

You could probably go all the way back to the first books.  I bet people said ‘why should you read when you could talk to other people?’ The point of reading is that you get to deeply immerse yourself in a person’s perspective. Right? Same thing with newspapers or phones or TVs. Soon it will be VR, I bet.

Een ander topic waarover Zuckerberg uitgebreid zijn visie weergeeft is Artificiële Intelligentie (AI).

The second area is AI. We expect a lot of progress that will lead to really great things in society: reduction in car accidents from self-driving cars, better diagnoses for diseases. Better ability to precisely treat diseases will lead to greater safety and health and many other things.

Mathias Döpfner haalt een interview aan met Elon Tusk,  de CEO van Tesla, waarin die vreest dat AI op een dag sterker wordt dan het menselijke brein, dat de machine het dan overneemt van de mens. Zuckerberg gaat daar helemaal niet mee akkoord, en stelt dat, naarmate de kracht van AI toeneemt, ook de veiligheidsmaatregelen mee zulle evolueren.

I think it is more hysterical.

[…] I think that the default is that all the machines that we build serve humans so unless we really mess something up I think it should stay that way.

[…] Just because you can build a machine that is better than a person at something doesn’t mean that it is going to have the ability to learn new domains or connect different types of information or context to do superhuman things. This is critically important to appreciate.

[…] I think that along the way, we will also figure out how to make it safe. The dialogue today kind of reminds me of someone in the 1800s sitting around and saying: one day we might have planes and they may crash. Nonetheless, people developed planes first and then took care of flight safety. If people were focused on safety first, no one would ever have built a plane.This fearful thinking might be standing in the way of real progress.  Because if you recognize that self-driving cars are going to prevent car accidents, AI will be responsible for reducing one of the leading causes of death in the world.  Similarly, AI systems will enable doctors to diagnose diseases and treat people better, so blocking that progress is probably one of the worst things you can do for making the world better.

Zuckerberg gaat ook kort in op de content die gedeeld wordt op Facebook, en hoe dun de grens soms is tussen vrije meningsuiting enerzijds en ‘hatespeech’, racisme en bedreigingen anderzijds.

While we generally believe in free speech and giving everyone as much ability to speak as possible, in practice there are lots of barriers to that, whether it’s legal restrictions, technological restrictions or you can’t share what you want if you don’t have access to the internet. And there are social restrictions where someone could be suppressing someone else’s freedom to express themselves.

[…]Of course, hate speech and racism have no place on Facebook. We have clear Community Standards and teams to enforce them. In addition, we work closely with governments and local organizations to be certain we are applying the Standards appropriately for local conditions and to identify and remove hateful or threatening content.

For example, in light of the threatening speech directed towards migrants in Germany, we now remove that content from our service.

Ook Mathias Döpfner gaat hiermee akkoord, en stelt dat we van een technologiereus niet mogen verwachten dat ze zelf beslissen wat we wel of niet mogen delen.

And also not to decide what more than a billion users read or not. This would be editorial work, the task of a publisher. I think it would be a much greater threat if a global company with more than a billion users per day used subjective criteria to determine who may read and write what. This is why the debate is misleading. For a technological communications platform, the sole restrictive framework should be the framework of the laws.

Zoals in het begin al aangehaald, gaat het gesprek ook over het feit dat Facebook in Europa nauwelijks belastingen betaalt. Zuckerberg wil begrijpelijkerwijs niet toegeven dat de fiscale voordelen geen doorslag hebben gegeven om van het kantoor in Dublin het Europese hoofdkwartier voor Facebook te maken.

There are a number of reasons why Dublin is a pretty good place. One is that we are still primarily an English-speaking company so having the headquarters in a place where the majority of people speak English is good. We’ve made significant investments in Ireland with over 1000 employees, a new headquarters and now building a state of the art, sustainable data centre.

Als Döpfner hierover doorvraagt, blijft Zuckerberg ontwijkend antwoorden dat het gewoon ‘de regels volgt die er zijn’, en ze op andere manieren investeren in Europa.

In my experience everyone will have a different view of the right level of tax so governments need to provide clear guidance that conforms to a set of international standards that all governments accept. Like any responsible company with international operations, European or American, we abide by those rules and comply with tax laws in the countries where we operate.

But I think it’s also important to look at the contribution and investments we make in Europe. Just this month in Germany we opened a new office, we announced a partnership on Artificial Intelligence with TU Berlin, and we invested in a German based community operations centre.

Gevraagd naar de problematiek rond privacy en data security, stelt Zuckerberg dat dit een issue is die vooral in Europa sterk leeft. De voorbije jaren heeft Facebook al verschillende juridische klachten gekregen vanuit onder andere Duitsland en België rond deze aspecten. Zuckerberg ziet hierin een link met de Europese geschiedenis, en de onthullingen van Snowden en wat de NSA heeft gedaan met de data van burgers en politieke leiders.

Zuckerberg: “I think this is really tricky. Some of it I think is a deep cultural thing where the history in Europe I think has made people very sensitive to a lot of these issues.”

Döpfner: “Because of the Holocaust and how Nazis, and also the GDR dealt with people’s data.”

Zuckerberg: “Absolutely.” […] And it’s recent. It’s not hundreds of years old. So that is something that I think culturally is just much more sensitive. And we can acknowledge and try to understand that sensitivity, but without being here, I think it is difficult to fully internalize that viewpoint.

I think it is also about very contemporary conflicts between governments. With some of the issues around the Snowden leaks and what the NSA was doing I think have scared people around the world and I think in many ways rightfully so. I think that there are real questions there. So it’s a tough environment to navigate.  A company like Facebook is at the intersection of a lot of these questions and we just try to do the best to act responsibly.

Facebook blijft groeien dankzij mobile

Facebook heeft een geschiedenis om het net iets beter te doen dan wat analisten voorspellen, en in het laatste kwartaal van 2015 is dat niet anders. Facebook haalde in dat kwartaal een omzet van $5,84 miljard, terwijl de voorspelde omzet $5,36 miljard bedroeg. Het is voor het eerst dat Facebook een omzet van meer dan 5 miljard dollar in één kwartaal gehaald heeft. Ook de netto inkomsten staan met $1,56 miljard op een recordhoogte: voor het eerst boven het miljard, en meer dan dubbel zo hoog in vergelijking met een jaar eerder ($701 miljoen).

 

Ook in gebruikersaantallen blijft Facebook verder groeien. Facebook telt 1,59 miljard maandelijks actieve gebruikers wereldwijd. Voor een goed begrip: dit is zonder de andere diensten onder de Facebook-holding meegerekend zoals Instagram, WhatsApp en Facebook Messenger. 65% van die maandelijkse gebruikers (1,04 miljard) maakt elke dag gebruik van Facebook.

FB DAU-MAU

Eigen grafiek op basis van Facebook Quarterly Earnings (http://investor.fb.com/results.cfm)

 

De grootste drijfveer achter die groei blijft mobile. Ruim 9 op 10 maandelijks actieve gebruikers logt minstens 1 keer per maand in op Facebook via een mobiel toestel (smartphone of tablet). Slechts 48% van de maandelijks actieve gebruikers heeft afgelopen maand gebruik gemaakt van een computer (desktop of laptop) om in te loggen op Facebook.

FB Mobile-Desktop

Eigen grafiek op basis van Facebook Quarterly Earnings (http://investor.fb.com/results.cfm)

Het aantal maandelijkse gebruikers is op 2 jaar tijd met 30% gestegen. In de VS en Canada (+9%) en in Europa (+15%) ligt die groei onder het wereldwijde gemiddelde. De sterkste groei kent Facebook in Asia-Pacific (+47%) en in de rest van de wereld (+35%).

FB index regio

Eigen grafiek op basis van Facebook Quarterly Earnings (http://investor.fb.com/results.cfm)

Twee op drie maandelijks actieve Facebookgebruikers bevinden zich buiten de VS, Canada en Europa.

FB Aandeel regio

Eigen grafiek op basis van Facebook Quarterly Earnings (http://investor.fb.com/results.cfm)

Sociale media: Kwartaalcijfers van Facebook en Twitter, en Google+ ontmanteld

Afgelopen weken zijn de kwartaalcijfers van Facebook (voorspelbare stabiele groei) en Twitter (voorspelbare vertraagde groei) gepubliceerd. Google nam een ingrijpende beslissing over Google+. En verder nog nieuws over Twitter Lightning (de nieuwe breaking news-formule van Twitter), Facebook geeft gebruikers meer controle over de newsfeed, Tumblr lanceert Tumblr TV, en problemen voor Reddit (ondanks groei).

KWARTAALCIJFERS FACEBOOK: MOBILE STEEDS GROTERE DRIJFVEER VOOR GROEI

Het aantal keren dat de dood van Facebook werd voorspeld is intussen niet meer te tellen, maar toch zijn er weinig dingen zo stabiel als de groei van Facebook. De voorbije twee jaar steeg het aantal maandelijkse gebruikers (‘Monthly Average Users’ of kortweg MAU’s) per kwartaal telkens met zo’n 3%. Intussen loggen elke maand bijna 1,5 miljard gebruikers in op Facebook. Opvallend is dat ook de intensiteit (licht) toeneemt: de voorbije twee jaar is het aandeel van dagelijkse gebruikers binnen de maandelijkse gebruikers gestegen van 61% naar 65%. Het aantal dagelijkse gebruikers neemt dus sneller toe dan het aantal maandelijkse gebruikers.

Op twee jaar tijd is het aantal maandelijkse gebruikers gestegen met 29%. Opvallend is dat het aantal gebruikers er in elk kwartaal in elke regio erop is vooruit gegaan. In de VS & Canada (+8%) en Europa (+14%) ligt de groei onder het wereldwijd gemiddelde. De grootste groei zit in Asia-Pacific (Zuid en Oost-Azië + Oceanië), waar het aantal gebruikers met 46% is toegenomen op 2 jaar tijd.

Het aantal mobiele gebruikers blijft toenemen, terwijl het aantal gebruikers dat inlogt vanop een computer (desktop of laptop) afneemt. Tot aan het derde kwartaal van 2013 waren er meer gebruikers die inlogden via een computer dan via een mobiel toestel; in het voorbije kwartaal hebben 88% van de maandelijkse gebruikers ingelogd via een mobiel toestel, terwijl slechts 56% van de gebruikers Facebook bezochten via een computer.

Op het vlak van omzet heeft Facebook voor het eerst de kaap van 4 miljard dollar gerond. De netto-inkomsten liggen lager dan vorig jaar (719 miljoen dollar; vorig jaar nog 791 miljoen). Dat komt vooral omdat Facebook in 2015 veel wil investeren om de groei van het netwerk stabiel te houden (met vooral aandacht voor de mobiele gebruikers, zoals het lanceren van Instant Articles, wat een maand na de lancering wel een pak minder succesvol lijkt dan de buzz deed vermoeden). Ook wil Facebook verder groeien in de apps en producten die los staan van Facebook zelf, zoals Messenger, Instagram, Whatsapp en Oculus Rift. Daarnaast werkt Facebook ook aan betere tools voor adverteerders; niet onverstandig aangezien 95% van de omzet van Facebook bestaat uit advertentie-inkomsten.

Bron: Statista.com (obv kwartaalcijfers Facebook)

Bron: Statista.com (obv kwartaalcijfers Facebook)

KWARTAALCIJFERS TWITTER: TEGENVALLENDE GROEI, ONDANKS KUNSTGREEP

In de officiële slidedeck bij de publicatie van de kwartaalcijfers van Twitters stond te lezen dat Twitter nu 316 miljoen maandelijkse gebruikers (‘Monthly Active Users’, of MAU’s) telt. Dat zijn er 8 miljoen meer dan het vorige kwartaal. Dat is niet zo bijster veel (vorige kwartaal kwamen er zo’n 16 miljoen nieuwe gebruikers bij, en bij Facebook groeide het aantal gebruikers met 50 miljoen), maar toch is zelfs die 8 miljoen een opgesmukt cijfer. Twitter besliste namelijk bij de vrijgave van de vorige kwartaalcijfers dat voortaan ook de gebruikers van ‘SMS Fast Follow’ zouden meegerekend worden. Via deze dienst kun je accounts volgen zonder zelf een Twitteraccount aan te maken. Het volstaat om een simpele instructie via SMS te sturen, en je krijgt via sms dan telkens een update als die iets tweet. SMS Fast Follow is vooral bedoeld om ook gebruikers aan te trekken die nog geen smartphone hebben maar wel een gsm. Twitter lanceerde deze dienst al in de zomer van 2010. De reden waarom Twitter deze gebruikers nu plots meetelt als ‘volwaardige’ gebruikers, is om zo de tegenvallende groeicijfers wat te verbloemen. Afgelopen kwartaal zijn er zo’n 6 miljoen nieuwe gebruikers bijgekomen die enkel deze sms-dienst gebruiken (en dus geen Twitter-account hebben). Wat dus maakt dat er afgelopen 3 maand er slechts 2 miljoen ‘echte’ nieuwe Twittergebruikers zijn bijgekomen. Die 6 miljoen nieuwe gebruikers van de sms-dienst is een stijging van 86% ten opzichte van het vorige kwartaal, wat een pak hoger is dan de amper 1% groei bij het reguliere Twitter-platform. Daarnaast past het ook in de jarenlange frustratie dat Twitter veel meer ongeregistreerde bezoekers telt dan actieve (geregistreerde) gebruikers, en het die bezoekers niet ten gelde kan brengen.

Niet alleen de buitenwereld reageert nogal koeltjes op deze kwartaalcijfers, ook de CEO (ad interim) Jack Dorsey zegt dat ze bij Twitter niet tevreden zijn met dit resultaat.

 

GOOGLE KOPPELT GOOGLE+ LOS VAN ANDERE DIENSTEN

Officieel telt Google+ met maar liefst 2,6 miljard accounts veruit het grootst aantal leden van alle sociale netwerksites. Toch wordt Google+ door de meesten beschouwd als een flop. Google+ werd al vrij snel omschreven als een ‘ghost town’, of zoals op The Daily Dot staat: “But as far as social media goes, Google+ appears to be quite anti-social”. Reden is dat slechts een fractie van die miljarden ‘gebruikers’, ook effectief ooit gebruik gemaakt hebben van dat netwerk. Schattingen komen meestal uit op slechts 9% of 10% van die accounts die ooit ook effectief iets publiekelijk gepost hebben op dat netwerk. Slechts 32,9 miljoen gebruikers (of zo’n 1,5% van die ruim 2 miljard accounts) hebben ooit meer dan 5 posts geplaatst op Google+. Die 90% accounts waarop nooit een post is verschenen, zijn niet zozeer ‘passieve gebruikers’ die enkel posts lezen en nooit zelf iets posten, maar hebben enkel een account omdat dat moest. Als je gebruik wou maken van Google-diensten zoals YouTube, dan moest je immers een inloggen met een Google+-account.

Google heeft nu aangekondigd dat Google+ geleidelijk aan zal losgekoppeld worden van de andere diensten. Het zal dus niet meer nodig zijn om in te loggen met een Google+ account op YouTube. Comments op dat videokanaal zullen ook niet meer automatisch op je Google+-profiel verschijnen (zoals dat tot dan toe het geval was).

Officieel is Google niet van plan om te stoppen met Google+. Begin mei lanceerde Google nog ‘Google+ Collections’, een module op Google+ waarop je prikborden à la Pinterest kunt bijhouden. Maar nog geen maand later haalde Google wel het (erg gesmaakte) Google Photos weg uit Google+ om er een stand-alone dienst van te maken. Dit was al een eerste serieuze aderlating voor Google+. Met nu ook het wegvallen van de verplichte link tussen Google+ en de andere diensten van Google, zien velen dit als tekenen dat Google dit sociaal netwerk stilaan zelf aan het begraven is, zonder dat het ooit echt een succes is geweest. Op The Daily Beast klinkt het gevat: “Farewell, Google+, We Hardly Knew Ye”.

Bron afbeelding: TheDailyBeast.com - "Farewell Google+, We Hardly Knew Ye"

Bron afbeelding: TheDailyBeast.com – “Farewell Google+, We Hardly Knew Ye”

EN VERDER…

Twitter is een belangrijk kanaal om Breaking News-verhalen te volgen. Toch is het vaak moeilijk om een duidelijk beeld te krijgen van wat er precies gebeurt: niet elke tweet bevat even betrouwbare informatie, de ene tweet is een relevante update terwijl een andere niet verder komt dan ‘OMG’. En eenzelfde Breaking News-verhaal of event kan snel verschillende variaties van een hashtag opleveren (tweets over de laatste editie van de Genste Feesten staan zowel onder #gentsefeesten, #gentsefeesten15, #gentsefeesten2015, #gf15, #gf2015, …). Dit alles maakt het lastig om snel een duidelijk overzicht te krijgen van interessante updates over het event.
Om dat te verhelpen, lanceert Twitter komend najaar ‘Project Lightning’ (al zou de uiteindelijke naam wel eens ‘Moments’ kunnen zijn volgens sommige bronnen). Een team van redacteurs (jawel, ‘echte mensen’, geen algoritme) stelt per event een lijst samen van de meest relevante tweets, Vine-filmpjes, Periscope-streams,… Dat kunnen geplande events zijn (bv een groot sporttornooi, de Oscaruitreiking, verkiezingen,…), maar kunnen ook onverwachtse gebeurtenissen zijn (orkanen, schietpartijen, overlijden van bekend persoon,…). Deze tool zal voor iedereen beschikbaar zijn (zowel voor wie ingelogd is als voor wie geen Twitter-account heeft). Maar wie inlogt met een Twitterprofiel, heeft wel meer mogelijkheden. Zo kun je je inschrijven op een event, en zo de updates te zien krijgen op je tijdlijn, ook al komen die updates van mensen die je normaal niet volgt. Als dat event afgelopen is, dan krijg je geen updates meer van die personen te zien. Of zoals David Pierce het op Wired formuleert:

  If you want to follow reporters during a national news story but not while they natter on about their facial hair and email inboxes, you can—or at least, Twitter is saying you’ll be able to.

Nog volgens David Pierce lijkt het erop dat Twitter eindelijk een antwoord zal kunnen bieden op de vraag waarrond Twitter zou moeten draaien: “What’s happening?”.

Twitter will show you, maybe for the first time ever, what’s happening.

Bron afbeelding: Buzzfeed.com

Bron afbeelding: Buzzfeed.com

Een vaak gehoorde kritiek op Facebook (naast alle privacy-issues) is dat het algoritme achter de newsfeed te weinig transparant is, en gebruikers te weinig zelf de parameters kunnen bepalen welke berichten wel en welke niet verschijnen (laat staan de volgorde waarin die komen). Daardoor is de kans groot dat je heel wat belangrijke updates mist zonder dat je het zelf meteen doorhebt.
Facebook komt nu een stuk tegemoet door “See First” te lanceren. De eerste berichten over de testfase verschenen al midden juni, een paar weken later later werd het effectief uitgerold op de Facebook app voor iOS (Android en desktopversie zouden binnekort volgen). Op een relatief eenvoudige manier kun je nu kiezen van welke personen of pagina’s je absoluut geen updates wil missen. Deze posts zullen dan bovenaan je newsfeed verschijnen. Van zodra je door de posts van je favorieten heen bent, neemt het algoritme weer over.
Als je van een bepaalde persoon (tijdelijk) geen updates meer wil ontvangen zonder over te gaan tot het ‘drastische’ defrienden, kun je nu ook kiezen om die persoon niet meer te volgen; in een ander menu kun je dan later beslissen om opnieuw updates te ontvangen van die persoon.
Dit past in een trend van de jongste maanden om opnieuw een ‘menselijker gelaat’ te geven aan nieuwe media, in plaats van alles te laten regelen door ‘kille’ algoritmes. Zo lanceert Twitter ‘Project Lightning’ (zie hierboven), een redactie die de meest relevante tweets rond een trending topic verzamelt, zodat je op een snelle en aantrekkelijke manier op de hoogte bent van wat er gebeurt (zonder zelf te zoeken op verschillende variaties van een hashtag, en dan zelf te moeten filteren wat relevant is en wat niet). En ook de afspeellijsten op de radiostations van Apple Music zoals Beats 1 worden door mensen samengesteld, en niet door algoritmes.

Bron afbeelding: Digitaltrends.com

Bron afbeelding: Digitaltrends.com

 

Op Tumblr TV staan animated GIF’s en andere animaties centraal. Als je gewoon naar Tumblr TV surft, krijg je random GIF’s en animaties te zien. Je kunt echter ook een zoekterm opgeven om content te zien rond dat trefwoord. Of je kunt een kanaal volgen. Zo heeft BBC America al enkele kanalen aangemaakt.


GIF’s zijn altijd belangrijk geweest voor Tumblr, maar past ook bij de vaststelling dat het zoeken van ontspannende content voor 47% van de Tumblr-gebruikers één van de hoofdredenen is om Tumblr te gebruiken, net als het doden van de tijd (komt daarmee op 2e plaats, net na het contact houden met vrienden).

Bron: GlobalWebIndex.net

Bron: GlobalWebIndex.net

 

Reddit is de laatste jaren erg sterk gestegen (niet alleen in aantal maandelijkse bezoekers, maar ook in het aantal communities (subreddits) en pageviews), maar kent nu enkele lastige weken. Op 10 juli leidde de onvrede over het beleid van het topmanagement tot het ontslag van de toenmalige CEO Elen Pao. De grootste ophef kwam er toen enkele controversiële gebruikers verbannen werden van de site, en kende een hoogtepunt toen een medewerker die erg geliefd was bij de gebruikers (Victoria Taylor) ontslagen werd zonder reden.  Achteraf bleek dat niet Ellen Pao, maar de oprichter Alexis Ohanian verantwoordelijk was voor het ontslag van Victoria Taylor. Medeoprichter Steve Huffman neemt nu de rol van CEO over, en moet de band tussen Reddit en zijn gebruikers opnieuw versterken. Of dat vlot zal verlopen is een andere vraag, aangezien hij kort na zijn aantreden al aangaf dat, in tegenstelling tot de algemene perceptie over Reddit, hij de site niet ziet als een bastion voor ‘free speech’.

Bron: Statista.com

Bron: Statista.com

 

Bron: Statista

Bron: Statista

Steeds meer mogelijkheden voor mobiel betalen

Amerikaanse gebruikers van Facebook Messenger kunnen sinds kort via de messaging app geld overmaken aan hun vrienden. Volgens Facebook wordt het versturen van geld even gemakkelijk als het sturen van een bericht. Facebook is zeker niet de eerste die zich op de markt van mobiel betalen stort, maar kan wel rekenen op een grote gebruikersbasis (zo’n 500 miljoen maandelijkse gebruikers; minder dan de 700 miljoen gebruikers van die andere Facebook messaging app WhatsApp, maar een pak groter dan de geschatte 200 miljoen gebruikers van Snapchat). De dienst is gratis voor de gebruikers, maar Facebook ziet vooral een mogelijkheid om op die manier heel waardevolle data te bekomen van zijn gebruikers, namelijk over de transacties die de gebruikers uitvoeren.  Nu is de toepassing vooral nog gericht op “peer-to-peer” betalingen (betalingen tussen gebruikers), maar bedoeling is om dit verder uit te breiden naar e-commerce. Zo werkt Facebook samen met Stripe om een Buy-button te lanceren. Op die manier zouden gebruikers snel een item uit een Facebook-advertentie kunnen kopen, zonder het platform te verlaten. De data die Facebook op die manier verzamelt, kan van grote waarde zijn voor adverteerders.   Het is voorlopig nog niet gekend wanneer deze dienst buiten de VS beschikbaar zal zijn.

Dit initiatief van Facebook doet erg veel denken aan SnapCash van Snapchat. Ook Snapcash laat gebruikers toe om heel eenvoudig geld toe te voegen aan een berichtje naar je vrienden. Andere gelijkaardige “peer-to peer payment apps” in de VS zijn Venmo en Dwolla. In Vlaanderen zijn er voorlopig weinig gelijkaardige (succesvolle) apps. Wel kunnen klanten bij BNP paribas Fortis bijvoorbeeld gebruik maken van Easy Transfer om snel geld over te schrijven naar je vrienden. Een andere mogelijkheid is het gebruik van de Bancontact-app. Deze werkt op basis van QR-codes. Je geeft een bedrag in, de app genereert een QR-code, de ontvanger scant de code in, en de betaling is uitgevoerd.

Mobiel betalen via de Bancontact-app (bron afbeelding: http://www.zdnet.be/nieuws/155620/bancontact-laat-je-betalen-met-je-smartphone/)

Mobiel betalen via de Bancontact-app (bron afbeelding: http://www.zdnet.be/nieuws/155620/bancontact-laat-je-betalen-met-je-smartphone/)

Naast het versturen van geld naar andere gebruikers, duiken steeds vaker “mobile wallets” op die je in staat stellen om effectief aankopen uit te voeren via je smartphone. De meest gekende is veruit Apple Pay. Deze is pas gelanceerd in oktober 2014, maar is nu al het meest besproken mobiel betaalsysteem. Concurrenten als Google Wallet bestaan al veel langer, maar hebben nooit de buzz kunnen creëren als Apple Pay. In Vlaanderen komen de eerste kleine initiatieven van de grond. Zo kun je met SEQR mobiele betalingen uitvoeren in onder andere vestigingen van de Colruyt-groep en McDonalds. Visa heeft ook aangekondigd om nog in 2015 mobiel betalen mogelijk te maken in België. In een eerste fase zal contactloos betalen met de Visa-kaart gelanceerd worden (waarbij het volstaat om de Visa-kaart in de buurt van een terminal te houden), in een latere fase zal betaling ook mogelijk zijn via de smartphone-app van Visa. België loopt trouwens achterop op het vlak van contactloos betalen. In Nederland is contactloos betalen stilaan ingeburgerd (de bankkaarten van grootbanken in Nederland zijn in de meeste gevallen uitgerust met NFC), en bij de Londense metro kennen ze piekmomenten van 500.000 contactloze betalingen per dag met Visa.

Het grote voordeel van mobile wallets is vooral gebruiksgemak; niet alleen gaat betalen via smartphone sneller dan bij betalen via cash of bankkaart, maar je kunt ook alle kaarten (zowel bankaarten als voordeel- en klantenkaarten) centraliseren in 1 app/toestel. Het stelt de gebruiker ook in staat om gemakkelijk over alle info te beschikken van je laatste aankopen. De grootste drempel om over te gaan naar mobiele betalingen blijft de veiligheid. Berichten rond gelekte data uit iCloud of uit sociale media als Snapchat creëren een gevoel van onveiligheid rond mobiel betalen. Het mag dan ook niet verbazen dat veiligheid en privacy een erg belangrijk deel uitmaken van de persberichten bij lanceringen van mobiele betaalsystemen: bij Snapcash hamerde Snapchat op de betrouwbaarheid van hun partner Square, bij de lancering van Apple Pay bevatte bijna elk paragraaf van hun persbericht een verwijzing naar de beveiligingen achter het systeem, en ook ruim de helft van het persbericht van Facebook ging over de veiligheid van de transacties. In tegenstelling tot die negatieve percepties, zijn mobiele betalingen echter beter beveiligd dan transacties via bankkaart.

De opmars van mobiele media in Vlaanderen: een kijk op leeftijdsverschillen

In 2014 lijken de meeste technologieën en mediadiensten een punt van saturatie te hebben bereikt, en zien we weinig grote veranderingen in vergelijking met vorig jaar. Met uitzondering van smartphones en tablets, waar we wel nog een sterke groei zien.

Dat is een van de bevindingen uit iMinds digiMeter 2014, de jaarlijkse studie over bezit en gebruik van media en ICT in Vlaanderen. Maar zit die groei voornamelijk nog bij de jongere segmenten, of zien we dat steeds meer Vlamingen uit oudere generaties een smartphone of tablet gebruiken? En zijn zowel smartphones als tablets vooral populair bij de jongere generaties, of bereiken beide toestellen een andere doelgroep?

Steeds meer Vlamingen ruilen hun ‘gewone’ mobiele telefoon in voor een smartphone. 57% van de Vlamingen heeft een smartphone (een stijging van 10 procentpunt ten opzichte van vorig jaar). Hiermee zijn er voor het eerst meer Vlamingen met een smartphone dan met een gewone mobiele telefoon (dat zakt naar 53% van de Vlamingen). Hoewel de adoptie van smartphones sterk is gestegen, is er nog een achterstand als we vergelijken met landen zoals Duitsland (67%), Frankrijk (67%), VS (71%), Nederland (72%) en het Verenigd Koninkrijk (75%).
De adoptie van tablets is zelfs met 14 procentpunt gestegen: 56% van de Vlamingen beschikt over een tablet binnen hun huishouden. Hiermee blijft Vlaanderen wel in het spoor van bijvoorbeeld Nederland (ook 56%).

Als we kijken per leeftijdscategorie, komen enkele opvallende bevindingen naar boven. Zo zien we dat smartphones hun piek hebben bij de jongere segmenten (acht op tien Vlamingen van 15 tot 39 jaar bezitten een smartphone), terwijl tablets een meer verspreide adoptiecurve vertonen (met een piek bij Vlamingen tussen 40 en 49 jaar). Smartphones zijn dus duidelijk gelinkt met jongeren, terwijl tablets ook bij oudere generaties aanslaan. Verschillende oorzaken liggen aan de basis van dit verschil. Een eerste verklaring is het feit dat jongeren vaak gedwongen keuzes moeten maken. Elk toestel kopen dat ze willen, ligt vaak niet binnen hun financiële mogelijkheden. Daarom kiezen jongeren vaak maar voor twee toestellen. Het centrale scherm is de laptop (negen op tien Vlamingen tussen 15 en 39 jaar bezit een laptop), vaak met de smartphone als mobiel verlengstuk. Een tablet hoort minder vaak tot hun pakket, omdat dit toestel voor hen minder toegevoegde waarde biedt ten opzichte van hun laptop of smartphone. Voor de iets oudere generatie is de tablet echter een ideaal toestel om op verkenning te gaan in de digitale wereld. Een tablet vinden ze vaak intuïtiever dan een laptop; het grotere scherm is dan weer een voordeel ten opzichte van een smartphone. Niet onbelangrijk: tablet bezitters hebben vaak ook kinderen jonger dan 10 jaar, waarvoor steeds meer ouders een tablet verkiezen boven een laptop (bijvoorbeeld voor het spelen van educatieve games of filmpjes, het gebruik van platformen zoals Wanagogo van Studio 100, kinderliedjes via YouTube,…).

digiMeter 2014 - Adoptie Smartphones en Tablets in Vlaanderen

Opmerkelijk is dat een groot deel van de groei van smartphones bij de 60-plussers zit. Hier hoort wel de kanttekening dat deze generatie de smartphones daarom niet noodzakelijk op een ‘smart’ manier gebruiken. 16% van de smartphonebezitter ouder dan 60 zegt hun smartphone nooit te verbinden met het internet; bij de smartphonebezitters jonger dan 60 is dat slechts 3%. Een op zes van de 60-plussers met een smartphone gebruikt die smartphone dus als een gewone mobiele telefoon. Toch kunnen we stellen dat toegang tot internet steeds minder een kwestie van middelen is, maar meer een kwestie van vaardigheden en kennis rond digitale media. Uit de digiMeter studie kwam naar boven dat oudere generaties steeds vaker (mobiele) toestellen bezitten waarmee ze verbinding kunnen maken tot het internet, maar dat ze nog de competenties missen om die op een voor hen relevante manier toe te passen.

digiMeter 2014 - Evolutie in Adoptie Smartphones en Tablets in Vlaanderen

Jongeren zijn dus grote fans van smartphones. Acht op tien Vlamingen tussen 15 en 30 jaar heeft inmiddels een smartphone, wat een pak hoger is dan de 37% binnen dezelfde leeftijdsgroep die (ook) nog een gewone mobiele telefoon (of ‘dumbphone’) bezit. Welke invloed heeft dat op het vlak van telecommunicatie? Hoe verhoudt zich het gebruik van traditionele communicatie via het mobiele netwerk (bellen en sms’sen) tot het gebruik van applicaties zoals Skype, Facetime, WhatsApp, Facebook Messenger en Snapchat die gebruik maken van het internet (ook gekend als Over-The-Top (OTT) applicaties)? Wat opvalt, is dat de frequentie van versturen van sms’en positief gecorreleerd is met het versturen van berichten via OTT applicaties. Wie dagelijks berichten stuurt via apps zoals Facebook Messenger of WhatsApp, zal vaak ook nog dagelijks sms’en sturen. De OTT applicaties lijken dus op dit moment geen substitutie voor de traditionele sms, maar eerder een aanvulling erop. Dit wordt ook bevestigd door een studie door het BIPT. In landen zoals Nederland, waar vooral WhatsApp enorm populair is, zien we wel dat de traditionele sms zwaar te lijden heeft onder de opkomst van de alternatieve berichtendiensten.

Het dagelijks versturen van berichten is populairder bij jongeren dan bij oudere generaties. Vooral bij berichten via OTT-applicaties zien we een sterk contrast tussen de jongere en oudere generaties (zie onderstaande tabel). Opvallend is ook dat WhatsApp in Vlaanderen helemaal nog niet zo wijd gebruikt als bv in Nederland. De meest populaire berichtendiensten bij Vlaamse jongeren zijn Facebook Messenger en Snapchat.

digiMeter 2014 - Dagelijks gebruik messaging en telefonie op smartphone

Het bezit van tablets is minder gelinkt aan jongeren dan wat de algemene perceptie is. Ook als we kijken naar het gebruik van tablets is het opvallend dat de gebruiksfrequentie hoger is bij oudere generaties dan bij jongere generaties. De helft van de 30 tot 59-jarigen zegt dagelijks een tablet te gebruiken. Bij Vlamingen tussen en 15 en 30 jaar is dat 41%, en bij 60-plussers is dat 29%. Als we enkel kijken naar wie een tablet ter beschikking heeft, dan valt het op dat driekwart van de tabletbezitters ouder dan 60 hun tablet dagelijks gebruikt, wat iets hoger is dan bij 30 tot 59-jarigen (72%), en een pak hoger dan bij tabletbezitters tussen 15 en 30 jaar (59%).  Het is dus opmerkelijk dat de tablet een centralere rol lijkt te spelen bij oudere dan bij jongere tabletbezitters. Het bezit van een tablet is lager bij 60-plussers dan bij jongere leeftijdscategorieën, maar wie op oudere leeftijd een tablet bezit, lijkt daar ook vaker gebruik van te maken. Voor die generatie lijkt de tablet de sleutel te zijn om toegang te krijgen tot de digitale wereld, en kan het intuïtieve karakter van tablets helpen om de digitale kloof op het vlak van internetvaardigheden te dichten.

digiMeter 2014 - Dagelijks gebruik Tablets in Vlaanderen

De top-5  functies die dagelijks op een tablet uitgevoerd worden, zijn erg gelijkaardig tussen de verschillende leeftijdsgroepen. De volgorde is echter wel verschillend. Waar social media op de eerste plaats komt bij jongeren, zien we dat het lezen van e-mails voorop komt bij oudere generaties. Opmerkelijk is dat gamen op een tablet voor 30% van de tabletbezitters ouder dan 60 jaar een dagelijkse activiteit is, tegenover 23% bij de jongere generaties. Ook dit toont aan poorten kan openen voor een oudere generatie die tot nu toe enkel toegankelijk waren voor jongere generaties.

digiMeter 2014 - Top 5 tablet applicaties dagelijks gebruik

Bij smartphone-applicaties kunnen we gelijkaardige conclusies trekken als bij tablet. Wel zien we dat het belang van social media hier hoger is dan bij tablet. Op smartphone is dagelijks gamen  dan weer populairder bij de jongere generatie smartphonebezitters (24%) dan bij de oudere generaties (30 tot 59 jaar: 15% ; 60+: 7%), wat dus ook een verschil is in vergelijking met tablet.

digiMeter 2014 - Top 5 smartphone applicaties dagelijks gebruik

 

Sociale netwerken zijn voor jongeren dus erg belangrijke applicaties op hun mobiele toestellen. Dat zien we ook in de intensiteit waarmee ze sociale media gebruiken. Voor Facebook bijvoorbeeld zien we dat 64% van de jongeren met een account op dit sociale netwerk, minstens 1 uur per dag Facebook gebruiken. Dat is een pak hoger dan bij 30 tot 59-jarigen (33%) en 60-plussers (22%).

digiMeter 2014 - Minstens 1 uur Facebook per dag

Als we ten slotte kijken naar het betalen voor apps (zowel het aankopen van apps zelf als het uitvoeren van aankopen binnen een app), dan zien we dat meer tabletbezitters het afgelopen jaar betaald hebben voor tablet-applicaties, dan dat smartphonebezitters betaald hebben voor smartphone-apps. Dit geldt binnen elke leeftijdscategorie. Bovendien zien we dat de piek ligt tussen 30 en 50 jaar (zowel voor tablet als voor smartphone). Waar jongeren zoveel mogelijk op zoek gaan naar gratis manieren om media te consumeren, zien we dus dat de generatie tussen 30 en 50 jaar wel bereid is om te betalen.

digiMeter 2014 - Betalen voor Apps op tablet of smartphone